Betekenissen
Zelfstandig naamwoord · onstuitbare gang der dingen van toekomst door het heden naar het verleden
Voorbeelden uit de bron
Doorheen de tijd heeft de aarde al heel wat evoluties meegemaakt.
Zelfstandig naamwoord · duur van de gelegenheid om iets te doen
Voorbeelden uit de bron
Je moet hem even de tijd gunnen om dit werk af te maken.
Zelfstandig naamwoord · gemeten duur waarbinnen een bepaalde prestatie is geleverd als maatstaf voor succes
Voorbeelden uit de bron
De wielrenner heeft ondanks zijn blessure een goede tijd gereden.
Zelfstandig naamwoord · bepaalde periode waarin iets gebeurt
Voorbeelden uit de bron
Het voorjaar is een goede tijd het huis schoon te maken.
Zelfstandig naamwoord · bepaald moment waarop iets gebeurt
Voorbeelden uit de bron
Het is nu tijd om te beginnen.
Bijwoord · bijwoordelijk deel van een scheidbaar werkwoord
Voorbeelden uit de bron
tijdrekken: Je zit alleen maar tijd te rekken.
Geschreven letters
t · i · j · d
- t × 1
- i × 1
- j × 1
- d × 1
Spelling oefenen
Vul de ontbrekende letter in: ti_d. Gebruik de betekenis hierboven als aanwijzing.
Antwoord
tijd · Letter: j
Gerelateerde woorden uit de bron
- destijds
- toentertijd
- tijdelijk
- tijdig
- tijdsduur
- tijdstip
- tijdvak
Verder oefenen
Bron en bewerking
Definities en eigen voorbeelden van de medewerkers van WikiWoordenboek, via Wiktextract/Kaikki. Selectie en opmaak aangepast door Lexiwi. Citaties met een afzonderlijke bron zijn weggelaten.
Wiktionary · tijd · Auteurs en geschiedenis · CC BY-SA 4.0 · Over Lexiwi en de bronnen